Vandaag, 29 oktober kan ik niet in Kampen bij de prijsuitreiking aanwezig zijn van de Historisch kippenvel wedstrijd van Overijssel, maar ik wil wel even kort vertellen hoe het verhaal Geur van groene appels tot stand is gekomen.
Twee huizen spelen een belangrijke rol in mijn leven. Het huis waarin ik nu woon in Zuid-Spanje en het huis waarin ik geboren ben en tot mijn achttiende heb gewoond. Het huis aan de vaart. Huis in het veen. Huize Tottenham aan het voeteneind vand e wereld, zoals mijn vader het noemde, in de bocht tussen sluis 6 en 7 van de Dedemsvaart.
Dat huis is een onuitputtelijke bron voor mijn verhalen.
Voor dit verhaal Geur van groene appels, stapte ik naar binnen door de voordeur en kwam meteen links in de gang in het appelkamertje terecht, ik rook de geur van de appels die daar vroeger lagen te drogen, ik zag mijn broers aan de werkbank staan knutselen en nog veel meer herinneringen dreven naar boven die ik opschreef maar allemaal weer heb geschrapt. Zo gaat dat met zo’n verhaal, je wil van alles, maar schrijven is schrappen en de essentie overhouden.
In die eerste versie van Geur van groene appels gebeurde helemaal niets, behalve een boel sfeer en mooie woorden, die zijn allemaal weer gewist.
Aanvankelijk kwam die boze buurman maar niet opdagen en trouwens Ronny is eigenlijk een meisje. Nee, er moest drama in, de ik-persoon, die ik ben maar ook niet, moest een conflict krijgen, maar uit welke zak van mijn herinnering toverde ik dat te voorschijn?
Op een ochtend op de rand tussen nog slapen en wakker worden kroop de inspiratie naar binnen. Ik zag de kleur van buurmans ogen als een bewolkte lucht en ik voelde weer de kou op de deel en de kille winters die waren blijven hangen onder het dak tussen het spinrag dat zacht woei in de tocht. Ik houd van mooie zinnen die een beeld oproepen, maar ik heb geleerd dat het gauw mooischrijverij is, dus hup daar komt de rode stift weer aanwalsen om te schrappen.
Mijn herinneringen liggen aan de basis van ieder verhaal, maar was het niet Gerard Reve die zei: ‘Waarheid is geen excuus.’ Het is heerlijk om de waarheid geweld aan te doen, om in gedachten een moord te plegen zoals in dit verhaal, want denk alstublieft niet dat het echt gebeurd is.
Hoewel, de klompen van onze buurman wel degelijk in het grind knerpten en mijn vader niet dol op hem was, en die hoge muur tussen ons er ook echt is gekomen, was buurman geen NSB’er. Nee, dat was een heel andere buurman in een heel andere tijd.
Precies dat is wat ik zo leuk vind aan schrijven, die mengeling van echte beelden en fantasie. Ik zet de wereld een beetje naar mijn eigen hand en maak het daardoor een stuk leuker.
En het is al zo leuk, met mijn man en vier honden in een magnifiek huis in het Spaanse Andalusië. Maar hier in Spanje schrijven ze geen wedstrijden uit van Historisch kippenvel, dus blijf ik voorlopig schrijven over het huis uit mijn jeugd.
Naar het filmpje: http://www.youtube.com/watch?v=dUPz-dg0K8M
Naar het verhaal: http://www.destentor.nl/special/9683561/Stemmen-voor-Historisch-Kippenvel.ece